HOORN – Het college van burgemeester en wethouders van Hoorn erkent dat bezoekers van het stadsstrand zich in donkere perioden een onveilig gevoel kunnen ervaren door het ontbreken van verlichting. Dat blijkt uit de beantwoording van schriftelijke vragen over verlichting en sociale veiligheid rond het stadsstrand.
Bij de aanleg van het stadsstrand is er volgens het college bewust voor gekozen om het gebied niet te verlichten. Het strand is ontworpen als een recreatieve voorziening waarbij natuur, rust en donkerte uitgangspunten waren. Dit is destijds afgestemd met direct omwonenden. Het gebruik was vooral overdag voorzien, met een seizoensgebonden horecavoorziening. Sinds april 2025 is er echter een horecagelegenheid die het hele jaar door tot laat in de avond geopend is, wat heeft geleid tot een ander gebruik van het gebied.
Onveilig gevoel, maar geen incidenten bekend
Het college erkent dat met name in de winterperiode, wanneer het vroeg donker is, fietsers en voetgangers een onveilig gevoel kunnen ervaren. Daarbij gaat het volgens het college vooral om het ontbreken van goed verlichte routes. Er zijn bij het college geen incidenten bekend die direct verband houden met de verlichting bij het stadsstrand, maar er zijn wel meerdere meldingen gedaan over het ontbreken van verlichting voor fietsers.
Tijdelijke verlichting, zoals bouw- of solarverlichting, acht het college op dit moment niet wenselijk. Deze oplossingen worden als kostbaar en niet altijd betrouwbaar beschouwd. Daarnaast ligt een deel van het gebied binnen de invloedssfeer van een Natura 2000-gebied, waar verlichting verstorend kan werken voor de natuur.
Onderzoek en besluitvorming
De vragen zijn voor het college aanleiding om nader onderzoek te doen naar veilige toegang en bereikbaarheid voor fietsers en voetgangers en naar de mogelijkheden voor verlichting rond het stadsstrand, met name in donkere perioden. Daarbij worden ook vergunnings- en technische aspecten meegenomen. Het college geeft aan dat directe omwonenden zorgvuldig zullen worden betrokken bij het zoeken naar oplossingen.
Volgens het college kunnen eventuele verbetermaatregelen pas worden uitgevoerd na afronding van het onderzoek, overleg met omwonenden, besluitvorming door de gemeenteraad en beschikbaarstelling van middelen. Het streven is om het onderzoek en het overleg in het najaar van 2026 af te ronden. Besluitvorming over structurele verbeteringen kan vervolgens plaatsvinden bij de behandeling van de begroting 2027.






